Inhoud van de taalcursus Spelling en grammatica - Basis
Tijdens de cursus Spelling en grammatica – Basis leer je de regels van het Nederlands en ga je veel oefenen met spelling en grammatica. Je leert onder meer woorden goed afbreken en leestekens op de juiste plaats in een zin plaatsen. Ook leer je wanneer je er een n of s tussen twee woorden hoort. Omdat veel mensen het lastig blijven vinden, is er ook aandacht voor werkwoorden. In het onderdeel Grammatica gaan we in op ontleden: het benoemen van woordsoorten en het opdelen van zinnen in woordgroepen. Hieronder zie je per module wat er wordt behandeld.
Spelling
Met deze module leer je door middel van voorbeelden en oefeningen de correcte spelling. Na afloop van deze module kun je complexe zinnen en teksten foutloos schrijven. Aan bod komen onder meer:
- Spelling van woorden
- Werkwoorden correct schrijven
- Leestekens plaatsen
- Afbreekregels
- Aaneenschrijven en losschrijven van woorden
- Omgaan met lastige spellingkwesties.
Grammatica
In dit deel leer je meer over de grammatica van de Nederlandse taal. Wat je leert, kun je meteen gebruiken in bij het spreken en schrijven. De volgende onderwerpen komen aan bod:
- Verschillen soorten woorden, zoals lidwoorden, zelfstandige naamwoorden en werkwoorden.
- Tijden van werkwoorden, zoals tegenwoordige tijd en verleden tijd.
- Verschillende zinsdelen, zoals onderwerp en gezegde.
- Zinsdelen.