Hieronder lees je wat je leert in de verschillende modules.
Anatomie, fysiologie en pathologie
In deze module wordt de anatomie (lichaamsbouw), fysiologie (werking van o.a. organen) en pathologie (ziekteleer) van de meestvoorkomende dieren behandeld. Aan het eind van de module heb je een brede kennis van dierziekten en aandoeningen.
Huisvesting van dieren
In deze module leer je de huisvestingseisen van verschillende dieren kennen. Je weet welke uitgangspunten er zijn bij huisvesting en je hebt inzicht in het gedrag van dieren. Ten slotte leer je meer over hygiëne en het in quarantaine houden van dieren.
Werken volgens wetten en voorschriften
Deze module behandelt de wetten en regels die van belang zijn voor dierenzorg en dierenwelzijn. Na afloop ken je de belangrijkste regels uit de branche specifieke wet- en regelgeving en Arbo en veiligheid en werk je volgens wettelijke vereisten.
Voeren en verzorgen van dieren
Na afloop van deze module weet je precies hoe je verschillende diersoorten op de juiste manier verzorgt en voert. Ook wordt het onderwerp voortplanting besproken in deze module en leer je bijvoorbeeld het gedrag van bronstige dieren/naderende geboorte herkennen.
Dieren-EHBO
In deze module wordt ingegaan op hulp aan dieren bij letsel. Je leert soorten letsels kennen en weet hoe veel voorkomende ziekten en afwijkingen verzorgd moeten worden.
Communicatie en instructie geven
Je leert instructie geven en klanten en collega’s informeren en adviseren. Ook leer je educatief en voorlichtingsmateriaal samenstellen. Hoe voer je bijvoorbeeld een verkoop- of adviesgesprek? Hoe speel je in op klantwensen? En hoe geef je een goede demonstratie/presentatie? Dat, en meer, leer je in deze module.
Beheer en apotheek receptie
In deze module leer je de apotheek beheren en houders van dieren adviseren over gebruik, toediening en bewaring van medicijnen. Ook leer je de receptie beheren. Onderwerpen die aan bod komen, zijn o.a. de voorraadadministratie, bewaarvoorschriften, omgaan met recepten, het afhandelen van financiële transacties, anamnese en triagemethodieken.
Infectieziekten, hygiëne en instrumentenleer
Deze module leert je welke instrumenten en hulpmiddelen worden gebruikt en welke hygiëne-eisen in acht moeten worden genomen. Je leert bijvoorbeeld over ontsmetten, reinigen, desinfecteren en steriliseren. Hoe kun je bijvoorbeeld de leefomgeving van dieren reinigen en ontsmetten? Welke maatregelen neem je bij quarantaine of een ziekenboeg?
Algemene en plaatselijke verdoving
Je leert over de werking en toediening van algemene en plaatselijke verdoving. Na afronding van deze module kun je onder leiding van een dierenarts een verdoving toedienen. Onderwerpen die aan bod komen, zijn o.a. anesthesie, narcoseapparatuur, pré-anesthetisch onderzoek, recovery, pijnbestrijding en euthanasie.
Assisteren
Je leert in deze module de dierenarts assisteren in de spreekkamer en de operatiekamer. Je leert dieren op de juiste wijze hanteren en fixeren, dieren voorbereiden op een operatie, onderzoeken en behandelingen voorbereiden, pré-anesthetisch onderzoek uitvoeren, assisteren tijdens onderzoeken en behandelingen en operaties afronden.
Laboratoriumwerkzaamheden
In deze module leer je monsters nemen, verzenden en onderzoeken. Dit doe je met zo min mogelijk hinder voor de patiënt en volgens de geldende richtlijnen en procedures. Ook leer je het laboratorium en de voorraad beheren.
Radiologie
Deze module gaat in op beeldvormende technieken en op de wijze waarop deze kunnen worden ingezet. Ook leer je veilig werken met röntgenapparatuur. Na afronding van de module kun je beelden maken die voldoende informatie geven om een diagnose te stellen. Ook kun je er voor zorgen dat de patiënt zo min mogelijk hinder ondervindt van het onderzoek.