|
||||
|
|
Vakbekwaamheid Honden- en KattenbesluitHet wettelijk verplichte diploma
Deze cursus leidt op voor het Bewijs van Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit 1999. Iedereen die vanuit beroepsmatig karakter honden en/of katten houdt, of in bewaring houdt (dierenwinkel, pension of asiel), moet in het bezit zijn van het bewijs van Vakbekwaamheid. De cursus Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit belicht alle kanten van het veeleisende en veelzijdige beroep van dierenasielhouder of dierenpensionhouder. Je leert echter niet alleen over honden en katten, maar ook over veel andere (gezelschaps)dieren. Daarom volg je deze opleiding bij de LOI
Voor wie is de cursus Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit bestemdDe cursus Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit is voor iedereen die aan de eisen van het Honden- en Kattenbesluit 1999 wil voldoen. En voor iedereen die vanuit een beroepsmatig karakter honden, katten of andere dieren wil gaan houden. Je einddoelNa het volgen van de cursus Vakbekwaamheid in het Honden- en Kattenbesluit ken je en voldoe je aan alle richtlijnen en eisen die de overheid heeft vastgelegd. Je hebt een grondige kennis van anatomie, fysiologie en pathologie van honden en katten. Inhoud van de cursus Vakbekwaamheid Honden- en KattenbesluitDe cursus Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit bestaat uit de onderstaande vakken. Klik op een vak voor meer informatie. Gezondheids- en ziekteleer
Als dierenverzorger moet je goed kunnen inschatten wanneer een dier ziek is. Daarom leer je in dit vak o.a. over de bouw en werking van het zenuwstelsel, skelet en spieren, huid, zintuigen, spijsvertering, ademhaling en de geslachtsorganen. Ook leer je welke afwijkingen en ziektes er kunnen voorkomen. Je leert hoe ze ontstaan, wat de oorzaak kan zijn, wat de symptomen zijn (hoe herken je ze) en wat je moet doen als je problemen signaleert. Voeren (gezelschaps)dieren
In dit vak leer je vaststellen hoeveel voer en water een dier nodig heeft. Een essentiële voorwaarde om gezond te blijven! Je leert de leeftijd en het gewicht van een dier schatten en de conditie bepalen. Dit vertaal je naar de voedingsbehoefte. Ook leer je welke soorten voer er bestaan en welke voedingstoffen erin zitten. Bovendien leer je hóé je een dier eten geeft. Hoe benader je verschillende dieren bijvoorbeeld? Hoe houd je het vast? En voer je met de hand of automatisch? Bovendien is er aandacht voor de hygiënische aspecten bij het voeren van dieren. Tot slot wordt behandeld welke gevolgen verkeerd voeren kan hebben. Welke problemen kunnen ontstaan en hoe herken je deze? Naast deze onderwerpen, komt ook voorlichting aan bod. Hoe geef je klanten informatie over het voeren? Verzorgen (gezelschaps)dieren
Als je van dieren houdt, wil je natuurlijk zo goed mogelijk voor ze zorgen. In dit vak leer je hoe je dat doet. Je leert over de huisvesting van verschillende diersoorten en het onderhoud van o.a. kooien, hokken en stallen. Ook leer je over de verschillende aspecten van de dagelijkse verzorging van dieren. Denk bijvoorbeeld aan het verzorgen van huid, vacht, nagels en gebit. Bovendien leer je hoe je zieke dieren verzorgt. Begeleiding voortplanting (gezelschaps)dieren
In dit vak leer je meer over de voortplanting van verschillende diersoorten. Je leert hoe, wanneer en waar bepaalde dieren paren en wat de ideale omstandigheden zijn. Ook leer je hoe het zit met vruchtbaarheid en bevruchting. Bovendien is er aandacht voor genetica en erfelijkheid. Tot slot leer je de dracht en de geboorte begeleiden. Nemen hygiënische maatregelen
Een goede hygiëne is uitermate belangrijk om te zorgen dat dieren (en ook mensen) gezond blijven. Daarom leer je in dit vak welke maatregelen je kunt nemen om eventuele risico’s zo veel mogelijk te beperken. Zo leer je o.a. hoe je kooien en hokken reinigt en ontsmet. Je leert hoe je dit zo grondig mogelijk doet en welke apparatuur en middelen je kunt gebruiken. Ook leer je hoe je verschillende soorten ongedierte bestrijdt. Tot slot leer je hygiënisch werken bij het houden van dieren en leer je meer over de protocollen en de wet- en regelgeving waar je mee te maken hebt. Wetskennis, organisaties en huishouding.
Als beheerder van een dierenasiel of dierenpension moet je op de hoogte zijn van de wettelijke regelingen die betrekking hebben op de uitoefening van je beroep. Daarom worden in dit vak alle wetten en regels waar je mee te maken kunt krijgen, besproken. Je leert precies wat ze inhouden en wat ze voor jou in de praktijk betekenen. Ook leer je aan welke eisen de gebouwen en verblijven van een asiel of pension moeten voldoen. Tot slot leer je hoe je omgaat met de administratieve zaken en de registratie van de dieren. In het onderdeel Huisvesting leer je precies wat er allemaal komt kijken bij het huisvesten van dieren. Denk bijvoorbeeld aan de functionele eisen, maar ook aan de sociale aspecten (bv. contact met andere dieren) en de hygiënische maatregelen. StageEen stage maakt deel uit van de cursus. Je doet gedurende minimaal zeven weken praktijkervaring op. Eén week bij een dierenarts en zes weken bij een erkend dierenasiel of dierenpension. Heb je bij de start van je studie een baan bij een dierenasiel en/of -pension, dan kun je de zes weken stage op je werkplek doorlopen. In de loop van je studie krijg je een praktijkboek thuisgestuurd. Hierin vind je alle informatie over de werkzaamheden die je tijdens je stage moet verrichten. Dit krijg je thuisJe ontvangt speciaal ontwikkeld, losbladig lesmateriaal. Bovendien krijg je opbergmappen om je lesmateriaal overzichtelijk in op te bergen. De leerstof is volledig. Je hoeft geen extra boeken aan te schaffen. Je hebt dus meteen alles in huis om van je studie een succes te maken. PraktijkdagenTijdens de cursus organiseren we drie praktijkdagen. Deze vinden plaats op aaneengesloten werkdagen van 10.00 tot 16.00 uur in Lelystad. Tijdens deze lesdagen besteden we aandacht aan een groot aantal zaken die je zullen helpen om het beroep van dierenasiel- of pensionhouder met succes en plezier uit te oefenen. ExamentrainingVoor examenkandidaten organiseren we een aantal weken voor het examen een examentrainingsdag. Deze vindt plaats op een zaterdag in Leiderdorp. Deelname aan deze dag is gratis! Tijdens de cursus ontvang je hierover nader bericht. ExamenHet examen Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit wordt tweemaal per jaar (in voor- en najaar) afgenomen door de Centrale examencommissie van de LOI. Het examen is uitsluitend schriftelijk. Alle vakken worden geëxamineerd door middel van open vragen en/of meerkeuzevragen. Het examengeld bedraagt € 167,50 (2009). Ben je voor het examen geslaagd, dan ontvang je het diploma en de bijbehorende beoordelingslijst als je de stage met voldoende resultaat hebt afgerond. Examenvakken
AanmeldingWe brengen je tijdig op de hoogte van de wijze waarop je je voor het examen moet aanmelden. In het algemeen kun je ervan uitgaan dat je aanmelding vóór 1 februari (voorjaarsexamen) respectievelijk 1 augustus (najaarsexamen) binnen moet zijn bij het examenbureau. VrijstellingenAfgewezen kandidaten mogen gedurende een periode van 25 maanden een behaalde voldoende bij de volgende door de LOI af te nemen examens als vrijstelling inbrengen. VooropleidingJe hebt geen specifieke opleiding nodig om de cursus Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit te volgen. VervolgopleidingDe cursus Vakbekwaamheid Honden- en Kattenbesluit is een ideale opstap voor de opleiding MBO Vakbekwaam medewerker dierverzorging. Schrijf je direct inInschrijven is heel eenvoudig. Vul gewoon het inschrijfformulier in. Als je je nu inschrijft kun je binnenkort al aan de slag. Doe het dus vandaag nog! |




