“Ik heb wel wat met mensen die ook iets met God hebben.”
Geertje de Vries. Na haar studie Theologie in Kampen, koos zij voor het predikantschap. Sindsdien heeft ze in verschillende gemeenten gewerkt. Sinds januari 2000 werkt ze als predikante in Barneveld.
Zoeken
"Mensen waarschuwden me altijd: "Als je theologie gaat studeren, dan raak je van je geloof af.". En dat is ook wel een beetje zo. Hoe meer je weet, hoe minder je gelooft. Je gaat inzien dat je dingen die je altijd als vanzelfsprekend hebt aangenomen, ook heel anders kunt zien. Bijvoorbeeld het verhaal van de schepping in zeven dagen, of het verhaal van Jona en de vis. Bij alles waarvan je dacht "dit is zo omdat het zo in de Bijbel staat", kun je vragen stellen. Maar daar krijg je ook iets voor terug. De vraag "wat blijft er overeind staan?" wordt heel nijpend. Ik heb daar een hele tijd over nagedacht. Het is een zoektocht die dan begint en eigenlijk nooit meer ophoudt. Het wordt een soort levenshouding. Je blijft kritische vragen stellen. Rutger Kopland heeft dat heel mooi gezegd in een van zijn gedichten: "Wie iets vindt, heeft slecht gezocht."."
Creativiteit
"Je krijgt een soort bescheidenheid in wat je over God allemaal kunt zeggen. Daar zit ook een hele positieve kant aan, ook al lijkt dat misschien tegenstrijdig. Juist omdat je zo weinig zeker weet, kun je heel veel proberen. Als het mij bijvoorbeeld goed lijkt om eens over God als moeder te spreken, dan kan dat. Zonder dat ik het meteen als een waarheid hoef te verkondigen. Dat geeft ruimte voor creativiteit."
Een breed beroep
"Als predikant heb je verschillende werkvelden. Eén daarvan is de liturgie, het preken. Maar eigenlijk is het veel breder. Het gaat om de hele vormgeving van de dienst, met liederen en gebeden. Je probeert voorwaarden te scheppen waarin je samen God kunt ontmoeten. Een ander werkveld is het pastoraat. Je gaat bijvoorbeeld langs bij mensen die ziek zijn of problemen hebben. Het leuke van dominee zijn, is dat je voor de mensen heel laagdrempelig bent. Je stuurt geen rekening en je hebt geen kantoortijden. Je komt gewoon naar ze luisteren. En dat geeft je een unieke positie. Daarnaast is er natuurlijk het pastoraal werk omtrent doop, rouwen en trouwen. Een derde werkveld is catechese (met kinderen en jongeren) en vorming (met volwassenen). Je leest bijvoorbeeld verhalen met mensen. Wat je ook regelmatig doet, is vergaderen met het bestuur van de kerk. Je hebt dus heel veel verschillende taken, het is een breed beroep."
Leren
"In de gemeente waar ik werk, zijn we met meerdere collega’s. Ik houd me nu dan ook niet met alle werkvelden bezig. We preken allemaal. Daarnaast doe ik vooral catechese en vorming. Ook begeleid ik mensen, vrijwilligers die catechese geven bijvoorbeeld. Het catechese geven, spreekt me heel erg aan. Ik ben een beetje een juf. Ik vind het leuk om mensen iets te leren. Bovendien vind ik het leuk om met groepen te werken. Er is veel interactie. Je schept voorwaarden voor bijvoorbeeld een gesprek, discussie of ontmoeting. Een van de leukste dingen vind ik het om samen met mensen verhalen te lezen. Mensen zeggen weleens tegen me: "ik zou eigenlijk elke dag in de Bijbel moeten lezen, maar dat vind ik weleens moeilijk. Het zegt me soms niet zoveel." Maar de Bijbel is helemaal geen boek om zomaar te gaan lezen. Je hebt er uitleg bij nodig, een soort handleiding of een gesprek. Pas dan kun je samen tot iets komen. Wat staat er nou precies? Wat betekent het voor je? Dat is heel dankbaar werk. Iemand zei wel eens "Ik krijg er heel veel voor terug.". Je ontdekt bijvoorbeeld dat je je verwant kunt voelen met mensen in verhalen. Dat maakt het veel "spannender"."
Ontmoetingen
"Waarom ik gekozen heb voor het predikantschap? Mijn man was al predikant en zo zag ik het van heel dichtbij. Dat wilde ik ook, ik wilde die studeerkamer uit en met mensen werken. Je hebt dan heel veel contact.
Ik zat in een vorige gemeente bijvoorbeeld in de vrouwenraad en daar heb ik een cursus feministische theologie gegeven. Tijdens die cursus had ik zulke leuke ontmoetingen! Ik heb wel wat met mensen die ook iets met God hebben. Je hebt gedeelde vragen over God, over de zin van het leven. Wat heeft God met mij? Wil ik wel iets met God?"
Mooie momenten
"Er zijn heel veel mooie momenten in dit werk. De mooiste momenten zitten in de eredienst. Bijvoorbeeld in de doopdiensten, maar ook als het gaat om afscheid en rouw. Ook al gaat het soms om iets heel verdrietigs, toch kunnen het gouden momenten zijn. Een voorbeeld. Bij de laatste zondag van het kerkelijk jaar, voor Advent worden de overledenen van dat jaar herdacht. In een vorige gemeente waar ik werkte, werden dan alleen de namen opgelezen. Maar ik wilde er méér mee! Mensen hebben altijd het gevoel dat je niet een hele dienst over dood en verdriet kunt praten. Ik vind dat dat wél kan en dat dat iets heel moois kan geven. Je merkt ook dat mensen dat oppikken, dat die gevoelens van verdriet er wel mogen zijn."
Eigen stijl
"Er zit heel veel van mezelf in dit werk. Ik heb echt een eigen stijl. Ik houd bijvoorbeeld erg van kinderen. Dus als het kan, doe ik even iets leuks met ze in de kerk. We hadden het bijvoorbeeld een keer over "De eersten zullen de laatsten zijn". Om dat aan de kinderen uit te leggen heb ik ze naar voren geroepen en ze van groot naar klein neergezet. Toen heb ik de achterste gevraagd "Wat zie je nu?". Het antwoord was "Niets natuurlijk, want iedereen staat ervoor!" Daarop heb ik ze allemaal een halve slag om laten draaien, zodat de kleinste vooraan kwam te staan, en de vraag nog een keer gesteld. Toen zag hij het natuurlijk wel. Zo heb ik ze laten zien dat het in het leven vaak zo is dat de kleintjes achteraan staan, maar dat God heeft beloofd dat dit niet altijd zo zal zijn, dat je als kleintje niet altijd achteraan hoeft te staan."
Betrokken professional
"Dat persoonlijke in je werk heeft ook een andere kant. Je moet jezelf als persoon en jezelf als predikant wel onderscheiden. Je bent betrokken, maar wel een professional. Als er bijvoorbeeld een sterfgeval is, moet jij je hoofd koel houden. Je kunt als dominee niet een potje mee gaan huilen. Daar heeft niemand iets aan. Waar de grens ligt, is heel persoonlijk. Ik ga bijvoorbeeld nooit naar het lichaam van een overledene kijken, dat vind ik echt iets voor de familie."
Zelfreflectie
"Een goede predikant heeft een goed vermogen tot zelfreflectie. Juist omdat het een beroep is waarin je jezelf "meeneemt". Je moet kritisch naar jezelf kunnen kijken. Daarnaast moet je volgens mij gevoel voor humor hebben. En je moet van mensen houden, met iedereen een beetje om kunnen gaan. Of ik mezelf een goede predikant vind? Ja, dat vind ik wel. Ik beschik over een goed taalvermogen, dat vind ik belangrijk. En ik ben een optimist, ik ben geneigd dingen van de zonnige kant te bekijken en te kijken naar de kansen die er zijn. Dat helpt mensen soms ook om over een drempel te komen. Het belangrijkste van een goede predikant, zeggen mensen wel, is dat hij of zij erg gelovig is. Maar het gaat niet om het geloof van de dominee. Het gaat in de eerste plaats om het geloof van de mensen."